Maandagziekte of spierbevangenheid

29 januari 2011

De spieraandoening maandagziekte of spierbevangenheid wordt officieel ERS, Equine Rhabdomyolysis Syndrome, genoemd. Ook de term tying up wordt gebruikt. De spieren van het paard verstijven langzaam, totdat het dier niet meer kan lopen. Het komt meestal voor als het paard een paar dagen rust heeft gehad en dan opeens weer aan het werk moet, vandaar de naam maandagziekte.

Symptomen

Een spierbevangen paard gaat steeds minder lopen en staat dan uiteindelijk stil, om zo min mogelijk pijn te voelen. Je kunt de spieren vaak heel erg zien trillen, vooral op de achterhand is dit duidelijk waar te nemen. Ook gaat het paard vaak hijgen en zweten, waardoor het zou kunnen lijken op een geval van koliek. Bel bij twijfel altijd een dierenarts!

Oorzaken

Maandagziekte kan ontstaan als een paard dezelfde hoeveelheid voer krijgt op de dagen dat hij stilstaat, als op de dagen dat hij werkt. Het overschot aan suikers wordt dan in de spieren opgeslagen als glycogeen, een direct verbrandbare vorm van suiker. Glycogeen is altijd aanwezig in de spieren van paarden om te zorgen dat het dier meteen over energie beschikt als het moet vluchten, maar te veel is niet goed. Als het paard dan begint te werken, wordt in één gebruikt. Er is dan niet genoeg zuurstof aanwezig om de verbranding van het glycogeen goed te regelen, waardoor een deel zónder zuurstof verbrand wordt. Er ontstaan dan extra afvalstoffen, die niet kunnen worden afgevoerd en dus in de spieren blijven zitten. Dit zorgt ervoor dat de spieren niet meer normaal kunnen functioneren.

Voorkómen

Natuurlijk is voorkomen altijd beter dan genezen. Als je je paard rust geeft, moet je hem minder krachtvoer geven opdat er niet te veel suiker in de spieren wordt opgeslagen. Je paard zal heus geen honger krijgen, je kunt hem immers gewoon hooi of ander ruwvoer voeren.

Behandeling

Als je paard maandagziekte heeft, is het belangrijk om de ernst van de situatie in te schatten. Bij lichte spierbevangenheid kun je het paard het beste op stal zetten met een dikke deken om en in plaats van krachtvoer wat hooi neerleggen. Na een tijdje kun je het geven van krachtvoer weer voorzichtig opbouwen. Meestal gaat het paard dan uit zichzelf steeds iets meer bewegen en kun je beginnen met aan de hand stappen. Voer nog steeds niet te veel en laat het paard nooit in de kou staan, dit zou namelijk opnieuw maandagziekte kunnen veroorzaken. Je kunt je paard ook in een solarium plaatsen, waardoor de spieren warm worden en ze minder pijn doen.
Als de spierbevangenheid ernstiger is, moet je meteen een dierenarts bellen. Die kan het lijden verkorten door het proces te versnellen met een injectie.
Na spierbevangenheid zal het paard minder spieren hebben, waardoor de kans op te veel glycogeen toeneemt en een tweede keer maandagziekte niet uitgesloten is. Om je paard extra te helpen nadat het spierbevangen is geweest, kun je supplementen als vitamine E, gist, anti-oxidanten en selenium geven.