De staart en manen invlechten

11 december 2010

Voor een wedstrijd, keuring of gewoon voor de lol kun je de manen en staart van je paard (in)vlechten. Hoe je dit doet, ligt aan het ras en de lengte van de manen van je paard en aan de eventuele eisen voor deelname aan de wedstrijd. Je kunt natuurlijk gewoon vlechtjes maken, maar er bestaan ook vele andere manieren.

Benodigdheden

Van onderstaande spullen heb je niet altijd alles nodig, beslis zelf wat je fijn vindt en wat niet! Benodigdheden voor het vlechten:

  • manenkam
  • elastiekjes, om de vlechten vast te maken
  • naald en pektouw, speciaal voor knotjes
  • wasknijper, handig om haren vast te zetten die je nog niet nodig hebt
  • gel, haarlak en water, om lelijke pieken tegen te gaan
  • krukje, handig als je een groot paard hebt!

Knotjes

Voor knotjes maak je eerst, vanaf de maantop tot beneden,

vlechtjes aan een kant van de hals. Meestal wordt er een oneven aantal vlechtjes gemaakt. Om een dikke hals langer en smaller te laten lijken kun je kleine vlechtjes maken, en andersom zorgen grote vlechten ervoor dat de hals korter lijkt.
De uiteinden van de vlechtjes vouw je dubbel en maak je vast met een elastiekje. Rol vervolgens het vlechtje als het ware op, tot het een knotje is, en zet het dan goed vast op de hals. Je kunt dit snel en makkelijk met stiekjes doen, maar voor het mooiste en stevigste resultaat kun je ook naald en pektouw gebruiken. Dit duurt wel veel langer!

Hengstenvlecht

Een hengstenvlecht is één grote vlecht die langs de gehele hals loopt. Hiervoor moet je dus kunnen invlechten. Je pakt er steeds een nieuw plukje manen bij. Het is erg moeilijk om de vlecht echt bovenaan de hals te krijgen, trek dus steeds goed aan!

Een grote vlecht die langs de hals hangt, wordt soms ook een merrievlecht genoemd.

Matje

Als je een paard of pony met lange manen hebt, kun je een matje (zie afbeelding) maken. Je hoeft hierbij niet te vlechten. Eerst verdeel je de manen in allemaal kleine plukjes met elastiekjes. Dan pak je het eerste plukje vast, samen met de helft van het tweede plukje. Die maak je samen vast met een elastiekje. De andere helft van het tweede plukje pak je samen met de eerste helft van het derde plukje, en zo ga je net zo lang door tot je geen manen meer over hebt.
Je kunt verschillende ‘lagen’ maken, afhankelijk van de lengte van de manen. Zorg ervoor dat de stiekjes op ongeveer dezelfde hoogte zitten.

De staart vlechten

Van de staart kun je één grote vlecht maken, maar vaak staat dat niet zo mooi. Een mooie

staartvlecht kun je krijgen door de staart in te vlechten. Je begint te vlechten met drie plukjes, en pakt er steeds een plukje bij van de zijkant. Zo krijg je in het midden van de staart een vlecht. Je kunt zo doorgaan tot de staart ‘op’ is, maar meestal wordt er gekozen om tot ongeveer halverwege de staartwortel te vlechten. Van de haren die je dan nog in je hand hebt kun je een dun vlechtje maken.