Gravel

23 november 2017

Tennis wordt op verschillende ondergronden gespeeld. Een daarvan is gravel. Gravel wordt gemaakt van gemalen baksteen. Het heeft meestal een oranje-roodachtige kleur. Het is de langzaamste baansoort die er in de tennis bestaat. Vaak wordt er in de zomermaanden op gravel gespeeld. In de wintermaanden ijzelt of sneeuwt het soms en als er dan op de baan wordt gespeeld, gaat de kwaliteit van de baan erop achteruit. Het bekendste toernooi dat op gravel wordt gespeeld is Roland Garros, een van de vier Grand Slam-toernooien.

Effect

Elke ondergrond heeft een ander effect op de stuit van de bal. Zo stuit op gras de bal snel door en blijf de bal ook laag. Op hardcourt stuit de bal weer hoger op en hebben vlakke slagen veel effect. Ook gravel heeft karakteristieke eigenschappen als het om de stuit van de bal gaat. Het kenmerkende aan gravel is dat de bal hoog opstuit en dat topspin een maximaal effect heeft. Als je met topspin speelt, stuit de bal dus hoger en verder op na de stuit. Een speler krijgt dus hierdoor wat meer tijd om een bal terug te slaan dan op een ‘snelle baan’. Gravel wordt daarom ook wel een langzame ondergrond genoemd.

Afdruk

Naast de eigenschappen die betrekking hebben tot de stuit van de bal, heeft gravel ook nog andere kenmerken. De eerste is dat de afdruk van de bal zichtbaar is op de baan. Als de bal is gestuiterd, blijft er dus een afruk op de baan staan. Hierdoor kan je op gravel altijd precies zien of de bal in of uit is. Als de baan echter droog is, bijvoorbeeld door de zon, is de afdruk vaak wat minder duidelijk te zien. Daarnaast is het pok mogelijk om op gravel te glijden. Als je bijvoorbeeld een verre bal moet halen kan je daarnaartoe rennen en dan het laatste stuk glijden, zodat je snel weer kan herstellen om weer een andere bal te belopen.

Sproeien

Een gravelbaan kan droog worden. Dat gebeurt als de baan lange tijd wordt blootgesteld aan de zon. Hierdoor wordt de steensoort droog en kunnen er stofwolkjes ontstaan. De baan wordt ook extra glad, wat gevaarlijk is voor spelers. Om dit te voorkomen wordt er gesproeid. Op de baan zitten sproeiers aan de zijkanten verstopt en die maken de baan dan gedurende een paar minuten nat. De baan is dan vochtig en kan weer tijd bespeeld worden. Wanneer de baan weer gesproeid moet worden, hangt af van de hoeveelheid zon.

Kuiltjes

In tegenstelling tot veel andere ondergronden is een gravelbaan vaak niet helemaal glad. Het kan voorkomen dat er verschillende kuiltjes in de baan zitten. Die kuiltjes worden veroorzaakt door het afzetten van spelers, waarbij zich een beetje gravel ophoopt en dus een kuiltje ontstaat. Dit is vaak het geval rond en achter de baseline. Hier bewegen de spelers het meest en zetten ze ook het meeste af. Een kuiltje kan ook midden in het veld zitten. Als de bal in zo’n kuiltje stuitert, kan de bal vreemd wegstuiten. Een speler moet dan snel reageren om de bal toch nog goed te raken. Door wat gravel in het kuiltje te schuiven en dan wat aan te stampen kan je het kuiltje snel dichten.