Markermeer

22 december 2017

Het Markermeer is een 700 km2 groot meer gelegen tussen Noord-Holland, Flevoland en het Noordelijk IJsselmeer. Het meer is op de meeste plaatsen 2 tot 4 meter diep en is genoemd naar het schiereiland Marken, in het zuidwesten van het meer. De term Markermeer vloeit voort uit de geplande inpoldering van dit gebied tot Markerwaard, die inmiddels van de baan is.

Het Markermeer gaat zuidelijk over in het IJmeer en noordelijk in het (Noordelijke) IJsselmeer. In het noordwestelijke deel ligt de Hoornse Hop. Dit deel kan grofweg aangegeven worden met de driehoek Schardam-Hoorn-Schellinkhout.

Historie

Oorspronkelijk was dit water onderdeel van de Zuiderzee. In het kader van de plannen ontwikkeld door ir. Cornelis Lely, werd eerst de Afsluitdijk (1932) aangelegd waardoor het IJsselmeer ontstond. Daarna werden de polders Noordoostpolder, Oostelijk Flevoland en Zuidelijk Flevoland aangelegd. Als laatste was de “Markerwaard” aan de beurt. Begonnen werd met de bouw van de Houtribdijk of “Markerwaarddijk” (1976) die Lelystad met Enkhuizen verbindt (de N302). Hierdoor is het Markermeer van het IJsselmeer gescheiden.

Oorspronkelijke plan

Het oorspronkelijke plan was om ook het Markermeer in te polderen,

net als Flevoland en de Noordoostpolder. De veranderde ideen onder de bevolking leidden tot protesten tegen dit plan. Het Markermeer speelde al een belangrijke rol in het op niveau houden van de vogelstand. Ecologisch gezien zou droogleggen niet positief uitwerken.

Uit de ervaring met de grote droogmakerijen was ook gebleken, dat dit toch op termijn kon leiden tot een verdroging van het vasteland. De waterhuishouding was ingewikkelder dan eerst voorzien: de grondlagen van Noord-Holland hellen af naar het oosten. Grondwater zou, onder het randmeer door, naar de drooggemaakte polder stromen. In Noord-Holland zou de grondwaterstand hierdoor dalen, waardoor houten heipalen zouden verrotten en de bodem zou inklinken.

Ook in de waterrecreatie speelde het meer een steeds grotere rol, verkleining van het wateroppervlak werd vanuit die hoek ook bestreden. Toen ook de financile haalbaarheid betwijfeld werd, besloot men in de jaren tachtig het Markermeer open te houden.

Plan Lievense

In 1981 werd het Plan Lievense gepubliceerd om het Markermeer te omgeven met windmolens. Deze pompten water in het meer, terwijl waterkrachtcentrales in de dijken voor een continue stroomopwekking zouden kunnen zorgen. Omdat de energievoordelen bescheiden bleken te zijn in vergelijking tot de prijs van het project n vanwege landschappelijke en ecologische bezwaren, is dit plan nooit gerealiseerd.

Voor de Tweede Kamerverkiezingen 2003 nam de LPF inpoldering van de Markerwaard in haar verkiezingsprogramma op. Dit met als doel de werkgelegenheid te bevorderen en een overloopgebied te creren voor de Randstad.

Toekomst

In april 2007 presenteerde de staatssecretaris Tineke Huizinga een nieuw plan voor het IJsselmeer. In dit plan wordt het IJsselmeer in drie compartimenten verdeeld. Het noordelijk deel zou met een verhoogde waterstand dienen als buffer voor de zoetwatervoorziening. Het Markermeer zou een wisselende waterstand krijgen ten behoeve van een grotere ecologische variatie. Het derde deel kan ontstaan door een dijk te bouwen in het IJmeer, waardoor gelegenheid ontstaat voor bouwen en recreren. De verdere uitwerking moet nog tot stand komen door regionale invulling van dit kader.

O 14 mei 2009 heeft de Europese commissie positief gereageerd op de plannen om bij Almere buitendijks te bouwen in combinatie met ecologische verbetering van het Markermeer-IJmeer.

Bron: Wikipedia