Platbodem

22 oktober 2010

Een platbodem is -strikt genomen- een schip met een platte bodem, maar meestal worden hiermee de historische Hollandse zeilvaartuigen aangeduid die geen, of nagenoeg geen kiel bezitten.

Kenmerken Platbodem

De kenmerken zijn een in de breedte gezien platte of nagenoeg platte bodem en een kiel die niet of nauwelijks onder het vlak uitsteekt. Een platbodem heeft in plaats van een kiel doorgaans zijzwaarden.

Platbodems hebben weinig diepgang en ze kunnen probleemloos droogvallen. In getijdewateren kunnen zij met laagwater op een zandbank liggend hoogwater afwachten. In het waddengebied en de Zeeuwse wateren werd dit vaak gedaan door bijvoorbeeld de schelpen-, wier- en oestervissers. Hun schepen waren daarvoor voorzien van een zwaar uitgevoerde bodem. In Zeeland: de Hoogaars en de Hengst, in de Waddenzee: de wieringeraak en diverse bolschepen. De kleinere platbodems werden gebruikt voor de visserij en transportop het relatief ondiepe binnenwater. In de provincie Friesland werden platbodems (meestal tjalken en pramen) gebruikt om hun lading (turf, mest, terpaarde) door ondiepe vaartjes van Friesland naar het Westland en de Randstad te vervoeren.

Originele platbodemjachten staan meestal ingeschreven in het stamboek ronde en platbodemjachten. Ook de schepen van het type rondbouw, zoals de Lemmeraak, Staverse jol en de boeier, behoren tot de familie van platbodemschepen.

Huidig gebruik

Veel Hollandse platbodems, met name voormalige zeilende ijzeren vrachtschepen, zijn behouden gebleven dankzij de opkomst van de chartervaart, in de volksmond de Bruine vloot. Ze zijn dan aangepast voor de ontvangst van passagiers, als een zeilend vakantieverblijf (soms ook partyschip) waarmee vaartochten worden gehouden. Dit leidt meestal,maar niet altijd tot concessies i.v.m. de authenticiteit van het oorspronkelijke schip. Gelukkig zijn er hierdoor verschillende al dan niet netjes opgeknapte grotere schepen behouden. Ook zijn er op deze schepen een aantal zaken door ontwikkeld, al dan niet met gebruik van moderne materialen. Zodat een aantal zaken ook in de moderne tijd geplaatst kan worden. Deze schepen moeten geheel voldoen aan de moderne regelgeving en hun eigenaren willen er, net als vroeger hun brood mee verdienen. Dit vereist aanpassingen die soms als niet authentiek worden gezien.

Ondertussen zijn er een aantal schepen opgebouwd die niets te maken hebben met traditioneel of authentiek. Deze drijven op de emoties van klanten die bijvoorbeeld extreem veel comfort willen of een piratenschip.

Ze worden soms aangeprezen met verzonnen typenamen als “tweemast oostzee klippertjalk” terwijl ook de woorden “authentiek” en “origineel” soms op zeer dubieuze wijze worden gebruikt.

Monumentaal Schip

Een andere groep schipper-eigenaars heeft zijn schepen in oude staat als zeilend bedrijfsvaartuig teruggebracht, met minieme noodzakelijke aanpassingen in verband met de veiligheid. Deze schepen zijn in Nederland veelal ingeschreven als Varend monument in het Nationaal Register Varende Monumenten. De eigenaren zijn vaak lid van de Landelijke Vereniging tot Behoud van het Historisch Bedrijfsvaartuig, de LVBHB. Met deze platbodems zijn soms ook tochten te maken, zelfs visserij is mogelijk. De opbrengsten van deze vorm van verhuur worden gebruikt om het schip als cultuurhistorisch erfgoed te bewaren.

Varen met een platbodem

Het is nog steeds mogelijk te varen met een platbodem. Er kunnen platbodem boten gehuurd worden of gekocht worden. Er zijn nog maar een paar monumentale platbodems die gebouwd zijn in de 18e eeuw tot ongeveer 1930. Verschillende websites bieden aan een toch te maken op een platbodem voor plezier, visserij of het ervaren van historie.